Duindoorn - Hippophae rhamnoides L.

Duindoorn

Synoniemen: Duinbes, zanddoorn, hagedoorn, randdoorn, schijtbes, zeedoorn.

Wetenschappelijke naam: Hippophae rhamnoides L.

Familie: Elaeagnaceae (Olijfwilgachtigen)


Land van herkomst

Europa, Voor-Azië



Bestanddelen

Vitamine C, provitamine A, vitamines van de B-groep, met name vitamine B 12, vitamine E, flavonoïden, mineralen, vruchtenzuren, palmitoleïnezuur, sterolen, essentiële vetzuren.



Omschrijving

Het zou niet vreemd zijn te denken dat deze struik alleen in exotische Aziatische streken zou voorkomen. Met zijn elegante wit-zilverachtige, naaldvormige bladeren en de heldergele tot oranje vruchten doet de duindoorn nogal buitenlands aan. Eigenlijk klopt dat ook wel ongeveer, want 17000 jaar geleden is hij waarschijnlijk in de IJstijd van Tibet naar Europa gekomen. Sindsdien voelt hij zich echter bij ons thuis, aan zee, in de zandduinen, oevers van rivieren en beken en bermen en taluds, in de volle zon. De struik kan tot 5 meter hoog worden; de hoofdwortel gaat diep in de aarde en de vlak verlopende zijwortels spreiden zich breed uit. Daardoor heeft de duindoorn een goede reputatie op plaatsen waar de grond wil gaan schuiven zodat hij daar ook wel wordt aangeplant, bijvoorbeeld om taluds te verstevigen. De doornige struik komt voor als vrouwelijk en mannelijk plant en tussen maart en mei, nog voor de bladeren uitlopen, komen de kleine onopvallende vrouwelijk of mannelijke bloemen uit. De slechts 5 mm grote vrouwelijke bloemen geuren naar kruidige honing en lokken daarmee insecten. Dit is voor de bevruchting eigenlijk niet nodig, want het stuifmeel van de mannelijke bloesems wordt door de wind meegenomen naar de naburige struik. De tot 1 cm grote, dicht opeenstaande, iets behaarde vruchten worden rijp van augustus tot september.



Wetenswaardigheden

In het oude Griekenland werd het vel van paarden behandeld met bladeren en jonge spruiten van de duindoorn zodat het mooi ging glanzen. Dat is ook de oorsprong van de weten-schappelijk geslachtsnaam Hippophae van hippos = paard en phaes = lichtend. De botanische soortnaam rhamnoides = doornachtig geeft aan dat de plant doornen heeft. De mens kent de duindoorn al heel lang. Al meer dan duizend jaar geleden verspreidde hij zich in Mongolië en Rusland en werd daar op vele manieren gebruikt. Uit Rusland is het oude recept afkomstig om duindoornolie met zonnebloemolie uit het sap van de bessen te extraheren. Dit middel wordt bewaard in flesjes en gebruikt voor de genezing van kneuzingen, zweren en brandwonden. Daarnaast werd de duindoorn gebuikt tegen haaruitval. In Frankrijk werden schapen gemest met duindoornbladeren zodat de vacht een speciale glans kreeg. In de zaadschillen van de duindoorn leeft een micro-organisme dat actinomyces heet; in symbiose met zijn gastheer maakt het hoeveelheden van het noodzakelijke vitamine B 12 aan zoals ze gewoonlijk alleen in vlees voorkomen.

Daardoor is de duindoorn een belangrijke plant in de vegetarische voeding. Maar ook van alle andere inhoudsstoffen lijkt de duindoorn altijd het meeste te bevatten: zo bevat hij bijvoorbeeld negen maal zoveel vitamine C als citrusvruchten. Deze gezonde kant van de duindoorn is door de mens altijd graag verbonden met de behoefte aan genot. Tot op vandaag wordt van de vitaminerijke bes sap, siroop, moes, gelei, likeur en gedestilleerd gemaakt.

Vermengd met andere vruchten worden deze lekkernijen nog smakelijker omdat daardoor de wat wrange smaak van de duindoorn wordt geneutraliseerd. In de Chinese en Tibetaanse geneeskunde wordt de duindoorn al 2000 jaar gewaardeerd en met name gebruikt voor het opwekken van de levensgeesten. Voor wie zich afgemat, zwak of moe voelt is verse duindoorn een flinke opkikker. Ook in de aarde heeft de duindoorn een nuttige symbiose met een actinomycete. In zijn wortels leeft daar de wortelschimmel (mycorrhiza) die stikstof uit de lucht bindt zodat deze in de gebonden vorm door de duindoorn kan worden opgenomen als een waardevolle meststof. Door deze extra toevoer doet de duindoorn het ook goed op een zandachtige bodem.



De plant op een andere manier bekeken

Duindoorn is een zonnekind dat erg van licht houdt. Het lijkt wel alsof de kleur van zijn bessen dat al duidelijk aangeeft: als kleine ondergaande zonnetjes zitten ze dicht opeen op de takken. Maar de krachtige stralen van de zon drogen ze niet uit! De plant trekt wel samen: hij heeft bijvoorbeeld naaldvormige bladeren, doornen en zure vruchten. De vruchten zijn echter ook sappig en verfrissend.



De planten in onze producten

In de volgende producten van Dr. Hauschka is duindoorn verwerkt: